Renovatie

Oude bedrading herkennen en vervangen: waar let je op?

Oude bedrading herken je vaak aan wat je aan de buitenkant ziet: stopcontacten zonder randaarde, een groepenkast met schroefzekeringen en zonder aardlekschakelaar, of stoffen draad die bij een schakelaar of lichtpunt tevoorschijn komt. Dat betekent niet dat er morgen iets misgaat, wel dat de installatie niet meer past bij hoe je nu woont en wat je aan apparaten gebruikt. Wil je de elektra in een oud huis vernieuwen, dan is een verbouwing het beste moment. Hieronder lees je welke signalen je veilig zelf kunt zien, wanneer je deels of helemaal vervangt en wat een inspectie daarbij oplevert.

Signalen van oude bedrading die je zonder gereedschap ziet

Begin bij de meterkast. Zitten er nog schroefzekeringen in, de ronde stoppen die je vroeger indraaide, dan is de installatie in elk geval voor een deel oud. Zie je geen aardlekschakelaar, herkenbaar aan een testknop, dan ontbreekt de beveiliging die je beschermt als er stroom via je lichaam weglekt. Soms zit er wel een aardlekschakelaar, maar alleen voor een deel van de groepen.

Loop daarna door het huis. Tweepolige stopcontacten zonder de metalen randaardeklemmen zijn in woon- en slaapkamers van oudere woningen gewoon. Ze wijzen erop dat daar geen aarddraad ligt. Ook oude bakelieten of porseleinen schakelaars, draaischakelaars en leidingen die in buizen op de muur langs het plafond lopen, vertellen iets over de leeftijd van de installatie.

Een mengeling van nieuw en oud zegt ook veel. Een moderne groepenkast met hier en daar een nieuw stopcontact betekent niet dat alles erachter vernieuwd is. Vaak zijn alleen de zichtbare delen vervangen en ligt er nog oude draad in de muren.

Stoffen draad, rubber en verdroogde isolatie

In woningen van voor de jaren zestig is draad vaak geïsoleerd met rubber en omvlochten met textiel. Die isolatie wordt in de loop der jaren hard en bros. Zolang niemand eraan komt, kan zo’n draad lang blijven liggen. Maar bij een verbouwing, een nieuw lichtpunt of een schakelaar die wordt vervangen, kan de isolatie afbrokkelen. Dan liggen de koperen aders bloot.

Je ziet stoffen draad soms zonder iets los te maken: waar een draad uit het plafond komt bij een lamp zonder kapje, bij een schakelaar die al los in de muur zit, of op zolder en in de kruipruimte waar leidingen open liggen. Een donkere, rafelige omhulling of een draad die er brokkelig uitziet, is een duidelijk signaal. Raak hem niet aan en maak niets verder open om beter te kunnen kijken.

Ook jongere kunststof isolatie kan verouderen, vooral op warme plekken zoals vlak boven een lamp. Het type draad is daarom een van de eerste dingen waar een elektricien naar kijkt.

Signalen waarbij je niet afwacht

Een stopcontact of schakelaar die warm aanvoelt, verkleurd is of bruine schroeiplekken heeft, wijst op een verbinding die te heet wordt. Hetzelfde geldt voor knetteren, zoemen of een brandlucht die je niet kunt plaatsen. Gebruik dat punt niet meer en zet de groep uit als je weet welke het is. Bij rook, vonken of vuur houd je afstand en bel je 112.

Lampen die flikkeren kunnen een losse verbinding in de bedrading betekenen, maar vaak ligt het aan iets eenvoudigers. Een ledlamp op een oude dimmer flikkert ook. Let op het patroon: flikkert één lamp, of gaan meerdere lampen tegelijk knipperen als de wasmachine aanslaat. Het tweede vraagt om een elektricien.

Valt de aardlekschakelaar regelmatig uit, bijvoorbeeld bij regen of vochtig weer, dan kan oude isolatie de oorzaak zijn. Meld zulke klachten via /storing/ en beschrijf wanneer het gebeurt.

Wat je veilig zelf kunt bekijken en noteren

Je hoeft niets open te schroeven om een elektricien goed op weg te helpen. Maak een foto van de meterkast met de deur open en de groepenkast gesloten. Fotografeer in elke ruimte een stopcontact en een schakelaar, en noteer waar je randaarde ziet en waar niet. Kijk op zolder en in de kruipruimte, als die veilig bereikbaar zijn, of er leidingen zichtbaar zijn en hoe die eruitzien.

Schrijf ook op wat je weet over de geschiedenis van het huis: het bouwjaar, eerdere verbouwingen, of de keuken en badkamer later zijn vernieuwd en of er een uitbouw is. Noteer klachten zoals uitval, flikkeren of warme punten, met wanneer het gebeurt.

Haal geen afdekplaten weg, draai geen schakelaars los en ga niet meten. Ook een stopcontact zonder randaarde vervangen door een exemplaar met randaarde is geen klusje: zonder aarddraad erachter geeft dat een vals gevoel van veiligheid.

Waarom een verbouwing het moment is om te vernieuwen

Nieuwe bedrading moet door muren, vloeren en plafonds. Liggen die toch al open, dan is het trekken van nieuwe leidingen een stuk eenvoudiger en hoeft er later niet opnieuw gefreesd en gestuct te worden. Wie eerst de muren laat stucen en daarna de elektra wil vernieuwen, betaalt twee keer voor hetzelfde stuk muur.

Neem de elektra daarom op in de planning zodra de nieuwe indeling vaststaat. Hoe je dat regelt met aannemer en keukenleverancier, lees je in het artikel over elektra bij een verbouwing. Voor oude bedrading geldt daarbij een extra punt: spreek vooraf af wat er gebeurt als achter een wand oude draad tevoorschijn komt die niet in de planning stond.

Ook een leeg huis tussen aankoop en verhuizing is een goed moment. Zonder meubels en vloerbedekking is het werk sneller en kun je zonder gedoe een tijd zonder stroom in een deel van het huis.

Deels of helemaal vernieuwen

Helemaal vernieuwen ligt voor de hand als er overal oude draad zonder aarddraad ligt, als de isolatie op meerdere plekken in slechte staat is of als je toch het hele huis verbouwt. Dan krijg je een installatie die in één keer klopt, met een nieuwe groepenkast, aardlekbeveiliging op alle groepen, randaarde waar dat hoort en groepen die passen bij je huidige gebruik.

Deels vernieuwen kan als een deel van het huis al eerder goed is aangepakt, bijvoorbeeld de keuken en badkamer bij een eerdere verbouwing. Dan worden de oude delen vervangen en blijven de goede delen. Je kunt het ook per verdieping of per fase van de verbouwing doen. Wel moeten de nieuwe en oude delen goed in de groepenkast op elkaar aansluiten.

Een nieuwe groepenkast op oude bedrading lost niet alles op. De aardlekschakelaars beschermen beter, maar ze kunnen juist vaker afslaan omdat ze lekstromen in oude leidingen opmerken die de oude kast niet zag. Dat is nuttige informatie: het laat zien waar de zwakke plekken zitten.

Bestaande buizen en leidingen hergebruiken

Waar de oude draad in buizen ligt, kan de nieuwe draad er vaak doorheen worden getrokken. Soms dient de oude draad zelf als trekdraad. Dat scheelt hak- en freeswerk. Of het lukt, hangt af van de staat van de buizen, het aantal bochten, hoe vol ze zitten en of de buis groot genoeg is voor de nieuwe draad met aarddraad erbij.

In vooroorlogse woningen liggen soms oude metalen buizen, of draad die zonder buis direct in het stucwerk is weggewerkt. Metalen buizen kunnen roestig zijn of scherpe randen hebben, en draad zonder buis kun je niet vervangen zonder de muur te openen. Dan wordt er gefreesd, of komt de nieuwe leiding in een opbouwbuis of plintgoot.

Houten vloeren met een kruipruimte of zolder eronder bieden vaak een route voor nieuwe leidingen zonder dat er veel gesloopt hoeft te worden. Een elektricien bekijkt per ruimte welke weg het minst ingrijpend is.

Hoe een inspectie helpt bepalen wat nodig is

Wat er achter de muren ligt, zie je niet aan de buitenkant. Bij een inspectie kijkt een elektricien naar de groepenkast, de aarding en de zichtbare bedrading, en meet hij onder meer de isolatieweerstand van de groepen. Die meting laat zien of de isolatie van oude leidingen nog goed is of dat er stroom weglekt.

Daarnaast bekijkt hij op een aantal plekken wat er achter schakelaars en bij lichtpunten zit. Uit het geheel volgt een beeld van wat direct aandacht vraagt, wat bij een verbouwing mee kan en wat nog jaren goed is. Wat je van een inspectie kunt verwachten, lees je in het artikel over een elektrische installatie laten inspecteren.

Met zo’n beeld kun je beter plannen. Je weet of je alles moet vernieuwen of alleen de oude delen, en welke ruimtes eerst moeten. Dat voorkomt dat je onderweg verrast wordt door werk dat je niet had begroot.

Een oud huis kopen: wat oude bedrading betekent

In Haarlem en de oudere delen van de omliggende plaatsen staan veel vooroorlogse woningen en woningen uit de eerste decennia na de oorlog. In zulke huizen is de elektra vaak in de loop der jaren stukje bij beetje aangepast. Soms is alles vernieuwd, soms alleen de meterkast. Bij een bezichtiging zie je dat verschil niet altijd.

Oude bedrading is geen reden om af te haken, maar wel een post in je budget. Vernieuwen gaat het makkelijkst voordat je erin trekt. In sommige oude woningen werd de metalen waterleiding vroeger als aarde gebruikt. Nu leidingen vaak deels van kunststof zijn, is dat niet betrouwbaar meer. Ook dat neemt een elektricien mee.

Wil je voor de koop weten waar je aan toe bent, lees dan het artikel over een elektrische inspectie bij aankoop van een woning. Heb je de sleutel al of plan je een renovatie, stuur dan je foto’s en notities mee via /offerte-aanvragen/?dienst=renovatie.

Veelgestelde vragen

Kort antwoord op veelvoorkomende vragen

Is oude bedrading altijd gevaarlijk?

Nee. Oude bedrading die met rust wordt gelaten en niet zwaar belast wordt, kan lang goed blijven. Het risico groeit bij verbouwingen, bij meer en zwaardere apparaten en als de isolatie verdroogt. Warme of verkleurde stopcontacten en brandlucht zijn wel signalen om direct actie te ondernemen.

Kan ik randaarde krijgen door alleen de stopcontacten te vervangen?

Nee. Randaarde werkt alleen als er een aarddraad naar de groepenkast loopt. Een stopcontact met randaardeklemmen op een leiding zonder aarddraad lijkt veilig, maar is het niet. Er moet dus nieuwe draad bij, vaak door de bestaande buizen als dat kan.

Moet ik de elektra in één keer helemaal vernieuwen?

Dat hoeft niet. Je kunt per verdieping of per fase van een verbouwing werken, zolang het geheel goed op de groepenkast aansluit. Een inspectie helpt bepalen wat eerst moet en wat kan wachten tot een volgende verbouwing.

Kan oude bedrading vervangen worden terwijl ik in het huis woon?

Ja, al is het in een leeg huis eenvoudiger. In een bewoond huis wordt meestal per ruimte of per groep gewerkt, zodat je niet het hele huis zonder stroom zit. Houd rekening met stof en met spullen die van de muren weg moeten.

Moet de groepenkast mee als de bedrading wordt vervangen?

Vaak wel, zeker als er nog schroefzekeringen in zitten of als niet alle groepen achter een aardlekschakelaar zitten. Bij een vrij nieuwe kast kan die soms blijven. De elektricien beoordeelt dat samen met de nieuwe indeling van de groepen.

Passende vervolgstap

Wil je je situatie bespreken?

Vertel kort wat je ziet of wilt veranderen. Dan kunnen we gericht meedenken.

Bespreek het vernieuwen van je elektra. →
Bespreek het vernieuwen van je elektra. →