Wat een installatieautomaat doet
In de groepenkast zit per groep een installatieautomaat, in woningen meestal van 16 ampère. Die beschermt de kabels in je muren tegen te veel stroom. Er zitten twee mechanismen in. Bij langdurige overbelasting warmt een onderdeel in de automaat op en schakelt hij na een tijdje af. Bij kortsluiting loopt de stroom in een fractie van een seconde enorm op en schakelt hij direct af.
Dat verschil helpt bij het zoeken. Valt de groep pas na een paar minuten uit terwijl de waterkoker, de magnetron en een kachel tegelijk aanstaan, dan wijst dat op overbelasting. Valt hij direct uit op het moment dat je een apparaat aanzet of een stekker insteekt, dan ligt kortsluiting meer voor de hand, bijvoorbeeld in dat apparaat of het snoer. Je hoeft dat niet zeker te weten. Noteer gewoon wat er gebeurde.
Automaat of aardlekschakelaar
Een aardlekschakelaar doet iets anders. Die meet of er stroom weglekt, bijvoorbeeld via vocht of een defect apparaat, en schakelt af bij een lekstroom van 30 mA. Een aardlekschakelaar beveiligt meerdere groepen tegelijk. Slaat hij af, dan valt dus een groter deel van het huis uit, vaak meerdere kamers.
In nieuwere kasten zitten soms aardlekautomaten: per groep een combinatie van beide. Dan valt er bij een lekstroom maar één groep uit. Kijk in de meterkast welke schakelaar omlaag staat. De schakelaars steken door de afdekplaat heen, die hoef je daarvoor niet te openen. Op een aardlekschakelaar staat vaak 30 mA en er zit een testknop op. Op een gewone automaat staat meestal een letter met een getal, zoals B16.
Eén keer opnieuw inschakelen, daarna stoppen
Is er geen brandlucht, rook of zichtbare schade, dan mag je een uitgevallen groep één keer opnieuw inschakelen. Haal eerst de stekkers eruit van de apparaten op die groep, of zet ze uit. Zet dan de automaat weer omhoog. Blijft hij aan, steek dan de apparaten één voor één weer in. Valt hij uit bij een bepaald apparaat, laat dat apparaat dan uit en noteer welk het was.
Valt de automaat direct weer uit terwijl er niets is aangesloten, schakel dan niet opnieuw in. Het probleem zit dan waarschijnlijk in de vaste installatie: een contactdoos, een lamp, een kabel of een vast aangesloten apparaat. Telkens opnieuw inschakelen belast de installatie steeds weer met dezelfde fout en lost niets op. Laat de groep uit en neem contact op met een elektricien.
Een logboek van het patroon
Houd een paar dagen een eenvoudig logboek bij, op papier of in je telefoon. Schrijf per keer de datum en het tijdstip op, welke groep uitviel en wat er op dat moment aanstond. Noteer ook het weer. Een storing die alleen bij regen of mist optreedt, kan te maken hebben met vocht in buitenverlichting, een tuinstopcontact of de elektra in een schuur.
Let op terugkerende momenten. Misschien valt de groep steeds uit tijdens het koken, als de wasdroger draait of als er 's avonds een elektrische kachel bij komt. Of juist 's nachts, als bijna niets aanstaat. Een storing zonder duidelijke aanleiding is voor een elektricien net zo goed informatie als een storing met een herkenbaar patroon. Schrijf dus ook op wanneer je geen verband ziet.
Welk deel van het huis zonder stroom zit
Schrijf op wat niet meer werkt en wat wel. Misschien zijn het alleen de stopcontacten in de keuken, of ook de verlichting in de gang, of precies één kamer. Kijk of de afzuigkap, de koelkast en de cv-ketel nog werken. Zo kan de elektricien de groep koppelen aan de ruimtes en apparaten die erop zitten. Staan er labels bij de schakelaars, neem die dan letterlijk over.
Vermeld ook recente veranderingen. Een nieuw apparaat, schilderwerk waarbij afdekplaten zijn losgehaald, een loodgieter die in de buurt heeft gewerkt, een verbouwing of een nieuwe buitenlamp: het kan allemaal meespelen. Een periode met lekkage of veel vocht is ook relevant. Je hoeft geen verband te leggen, alleen te noemen wat er veranderd is.
Veelvoorkomende oorzaken
Bij overbelasting gaat het vaak om apparaten met een verwarmingselement die samen op één groep zitten: een waterkoker, airfryer, magnetron, elektrische kachel, föhn of strijkijzer. Op een groep van 16 ampère kun je ruim 3.600 watt kwijt. Twee van zulke apparaten tegelijk zitten daar al snel boven. Een stekkerdoos voegt geen capaciteit toe, die verdeelt alleen dezelfde groep over meer stopcontacten.
Bij kortsluiting gaat het vaak om een beschadigd snoer, een defect apparaat of een lamp waar vocht in is gekomen. Ook een kapotte contactdoos of een losse verbinding in de installatie kan de oorzaak zijn. In oudere kasten kan de automaat zelf versleten raken en te snel afschakelen. Welke oorzaak het is, stelt een elektricien vast met metingen. Dat is geen werk om zelf te doen.
Wanneer je een elektricien inschakelt
Neem contact op als dezelfde groep blijft uitvallen, als de automaat niet aan wil blijven terwijl er niets is aangesloten of als je niet kunt achterhalen welk apparaat het veroorzaakt. Doe dat ook als de groep een badkamer, buitenverlichting, een vast apparaat zoals een kookplaat of een plek met waterschade van stroom voorziet.
Wacht niet als je zwartgeblakerde of verkleurde stopcontacten ziet, lampen hebt die flikkeren, een zoemend geluid uit de groepenkast hoort of een stopcontact merkbaar warm wordt. Een warm stopcontact of een gesmolten stekker wijst vaak op een slechte verbinding. Die kan brand veroorzaken zonder dat er een automaat afslaat. Gebruik dat stopcontact niet meer en zet de groep uit.
Bij rook, vonken of brandlucht
Zie je rook of vonken, ruik je een sterke brandlucht of is er direct gevaar, blijf dan uit de buurt en bel 112. Ga niet terug om de groepenkast of het apparaat te bekijken. Staat er water bij elektrische onderdelen, raak dan niets aan. Vertel de hulpdiensten wat je ziet en ruikt en of er nog iemand in huis is.
Is er geen direct gevaar, laat de getroffen groep dan uit en meld de storing via de storingspagina. Geef je logboek door: wanneer het gebeurde, welke groep, wat er aanstond, wat je zag of rook en wat er recent is veranderd. Dan kan de elektricien gericht zoeken. Zet in de tussentijd niet alle zware apparaten via een stekkerdoos op een andere groep, want dan verplaats je het probleem alleen.
Veelgestelde vragen
Kort antwoord op veelvoorkomende vragen
Is het uitvallen van een installatieautomaat hetzelfde als het uitvallen van een aardlekschakelaar?
Nee. Een automaat reageert op te veel stroom of kortsluiting en beveiligt één groep. Een aardlekschakelaar reageert op lekstroom en schakelt vaak meerdere groepen tegelijk uit. Kijk welke schakelaar omlaag staat en noteer wat erop staat, zonder de kast open te maken.
Mag ik de automaat gewoon weer omhoog zetten?
Eén keer, als er geen brandlucht, rook of zichtbare schade is en je eerst de apparaten op die groep hebt losgekoppeld. Valt hij daarna direct weer uit, laat hem dan uit en schakel een elektricien in.
Kan een installatieautomaat zelf kapot zijn?
Ja, vooral in oudere kasten kan een automaat slijten en eerder afschakelen dan nodig. Dat kun je niet zelf vaststellen. Een elektricien meet of de automaat of de installatie de oorzaak is.
Welke informatie is het nuttigst als ik de storing meld?
Datum en tijd, welke groep en welke ruimtes, wat er aanstond, of het eerder is gebeurd, of de groep direct of na een tijdje uitviel en of je iets zag, rook of hoorde. Noem ook recente veranderingen in huis, ook als je niet weet of ze ermee te maken hebben.
Wanneer moet ik 112 bellen?
Bij rook, vonken, een sterke brandlucht of direct gevaar. Blijf uit de buurt en ga niet zelf zoeken. Zonder direct gevaar meld je de storing bij een elektricien.
Passende vervolgstap
Wil je je situatie bespreken?
Vertel kort wat je ziet of wilt veranderen. Dan kunnen we gericht meedenken.
Meld een elektrische storing veilig.